Bloedtest die suïcide voorspelt? Of toch niet?

    Hand met laboratorium handschoen houdt buisje met afgenomen bloed vast. Op achtergrond staat rekje met meerdere van dit soort buisjes erin.

    Onderzoekers beweren biomarkers te hebben gevonden die een onderscheid maken tussen mensen die door suïcide zijn gestorven en mensen die aan andere oorzaken zijn gestorven. Ondersteunen hun data een dergelijke bevinding?

    Door Peter Simons – 23 Mei 2022

    In een nieuwe studie in Translational Psychiatry, schrijven onderzoekers dat zij een bloedtest hebben ontwikkeld die de personen kan onderscheiden die door suïcide zullen sterven, en daarbij zelfs het verschil kan vaststellen in vergelijking met anderen met een diagnose van een depressieve stoornis. De onderzoekers schrijven:

    “Onze resultaten suggereren sterk dat bloedgenexpressie zeer informatief is wanneer het gaat om het begrijpen van moleculaire veranderingen bij zelfdoding. Het ontwikkelen van een suicide-biomarker-signatuur in bloed zou professionals in de gezondheidszorg kunnen helpen om personen met een hoog risico op suïcide te identificeren.”

    Als hun gegevens deze bewering ondersteunen, zou dit een opvallende doorbraak zijn – een echte bloedtest die nauwkeurig kan identificeren wie het meeste risico loopt. Het is niet nodig om een psychologisch onderzoek te doen naar alle factoren die verband houden met suïcide – denk aan eenzaamheid, lasten ervaren, recent een baan of een geliefde verloren hebben, en dergelijke. In plaats daarvan is er een eenvoudige bloedtest die kan vertellen of je binnenkort door suïcide zult sterven.

    De onderzoekers beweren niet alleen dat ze kunnen zeggen wie binnenkort zal sterven, maar ook dat hun resultaten kunnen leiden tot geneesmiddelen die zelfdoding voorkomen – het is niet langer nodig om mensen te helpen contact te maken met anderen, hun gevoel van eigenwaarde te verbeteren, of zinvol werk te vinden. Zij schrijven:

    “Genen geïdentificeerd als ontregeld bij suïcide kunnen potentiële doelstellingen zijn voor toekomstige farmacologische interventies om zelfdoding bij MDD-patiënten te voorkomen.”

    Nochtans, laten de data een veel onzekerder beeld zien. Ten eerste is het een vrij kleine studie: in totaal konden ze het bloed analyseren van 19 mensen die stierven door suïcide, 18 met MDD (klinische depressie) die stierven door andere oorzaken, en 16 mensen zonder een psychiatrische diagnose die stierven door andere oorzaken. De onderzoekers erkennen ook dat hun resultaten “voorlopig” zijn en dat zij “verkennende” statistieken hebben gebruikt – ruimere definities van significantie dan gebruikelijk. Daarom, zo schrijven zij, moeten hun bevindingen door andere onderzoekers worden nagetrokken voordat ze werkelijk als bruikbaar kunnen worden beschouwd.

    Dus, wat hebben ze feitelijk gevonden?

    Er waren 11 biomarkers die verschilden tussen de groepen op een statistisch significant niveau. Statistische significantie betekent echter niet dat ze ook klinisch significant zijn. (Opmerking MitN: Als een resultaat statistisch significant is, betekent dit dat het onwaarschijnlijk is dat het alleen door toeval of willekeurige factoren kan worden verklaard. Een behandeling wordt als klinisch significant beschouwd als deze het leven van patiënten tastbaar of substantieel verbetert.)

    Hier zijn de resultaten voor die 11 biomarkers:

    11 Biomarkers uit onderzoek

    Het belangrijkste aspect om op te letten in deze grafiek zijn de zwarte stippen, die elk één persoon vertegenwoordigen. Wat deze grafieken aantonen is dat, hoewel de bevindingen statistisch verschillend kunnen zijn, in elke groep bijna elke biomarker overlapt met die van iemand uit een andere groep.

    Laten we één willekeurig gekozen biomarker eens nader bekijken:

    1 biomarker

    Wat we hier zien is dat de “gezonde” controles (links) een grote verscheidenheid aan scores op deze biomarker hadden (vandaar de langere verticale zwarte balk), terwijl mensen met de diagnose MDD die niet door zelfdoding stierven (het midden) een iets strakkere groepering van scores hadden. Mensen met de diagnose MDD die door zelfdoding overleden (rechts) hadden de strakste groepering van scores. Deze scores waren, gemiddeld, statistisch verschillend, omdat degenen die aan suïcide overleden iets meer gegroepeerd waren bij hogere scores. Maar elke individuele score van degenen in de meest rechtse groep overlapt met een individuele score van een van de andere groepen.

    Dat wil zeggen, als je deze biomarker bij iemand zou meten, zou het je heel weinig vertellen – meestal niets – over in welke groep diegene zat.

    (De uitzondering zijn een paar extreem lage scores in de controlegroep – maar nogmaals, met zo weinig deelnemers is het onduidelijk hoe serieus je die drie laagscoorders op deze specifieke biomarker moet nemen. Het zouden gemakkelijk statistische uitschieters kunnen zijn).

    Maar zelfs als deze bevindingen serieus moeten worden genomen, komt het erop neer dat degenen die door zelfdoding stierven, onder extreme stress stonden, wat niet verrassend zou moeten zijn. De biomarkers die verhoogd waren, hielden meestal verband met stress. De onderzoekers schrijven:

    “Specifiek worden veranderingen in de stressrespons, waaronder polyaminemetabolisme, circadiaans ritme (biologische klok), immuun-disregulatie en telomeer-behoud, gemeten in het bloed onder degenen die suïcide plegen.”

    Dit impliceert dat mensen die onder extreme stress staan, meer kans hebben om door suïcide te sterven. Een voor de hand liggende oplossing zou dan kunnen zijn om de stressoren die mensen ervaren te verlichten.

    De onderzoekers vermoeden echter iets anders: dat het de schuld is van de biologische systemen die verantwoordelijk zijn voor het overbrengen van stress. Er zou dus meer onderzoek moeten worden gewijd aan deze biologische paden:

    “Toekomstige studies in grote klinische populaties waarin deze systemen worden onderzocht, zouden kunnen helpen bij het identificeren van acuut suïcidale MDD-patiënten.”

    ***Gepubliceerd op Mad in America, 2 mei 2022. Vertaald door MitN.***

    Mamdani, F., Weber, M. D., Bunney, B., Burke, K., Cartagena, P., Walsh, D., . . . & Sequeira, A. (2022). Identificatie van potentiële bloedbiomarkers geassocieerd met zelfmoord bij depressieve stoornis. Transl Psychiatrie, 12, 159. https://doi.org/10.1038/s41398-022-01918-w (Volledige tekst)

    Vorig artikelTijd om psychiatrische diagnoses af te schaffen?
    Volgend artikelSocial media-influencers verkopen nu medicijnen aan het grote publiek voor Big Pharma